Salongedachte, gedichten en slow art




De afgelopen week vonden er in Assen drie interessante, kleinschalige activiteiten plaats die vermelding verdienen.

Op 4 februari was er in de DeFKa Campis een ontmoeting voor en door kunstenaars en geïnteresseerden, met als titel ‘de Salongedachte en 88 andere mogelijkheden’. De opzet was om in een informele sfeer de gelegenheid te geven voor ontmoeting en uitwisseling. Sprekers waren de kunstenaars Marije Wijma, over broeiplekken en de Kunstbende, en Geert Schaap over zijn eigen werk en ateliers in Friesland. Deze eerste try-out werd goed bezocht, de sfeer was opperbest en een vervolg later dit jaar zal er zeker komen.

Op 6 februari de lang verwachte poëzie-kroegentocht, georganiseerd door de Asser Stadsdichter Mischa van Huijstee. In vier kroegen in Assen: De Witte Bal, Cosy Corner, Whispers en Tastoe, droegen dichters voor uit eigen werk. Naast de stadsdichter waren dat Egbert Hovenkamp II, Geert Loman, Laura Mijnders, Ria Westerhuis, Jan Holtman, John van Beek, Nicolette Leenstra, Bert de Jonge en Adrie Krijgsman. Ook hier was de sfeer uitstekend en klonk de roep om een vervolg. Hopelijk komt dat er ook. Zelf heb ik (ak) al vaker gepleit voor een structureel literair podium in Assen, maar mij ontbreekt het de tijd om dit te organiseren.

Op 7 februari vond er in de DeFKa Campis weer een Slow Art Talk plaats, de derde. Dit keer met docent kunsttheorie Margo Slomp, over engagement en autonomie, met als leidraad een artikel van Paul Chan: ‘What art is and where it belongs’ (E-flux journal #10, November 2009 ). Er waren zo’n twintig mensen aanwezig, waaronder een groot aantal studenten van het FMI. Misschien komt er nog een kort verslag, dan zal er hier een doorverwijzing komen.

Poëzie in de kroeg

Uit berichten van de Brink, Drenthejournaal 3 februari 2011. De quote “ik boks in de poëziering” komt mij (ak) niet bekend voor, maar is wel toepasselijk op de gedichten die ik ga voordragen.

Gedichtendag Assen

Flessenpost in Drenthe is niet echt voor de hand liggend. Toch heeft dichteres Delia Bremer op gedichtendag, 27 januari, bij alle cultuurwethouders in Drenthe een fles met enkele gedichten laten bezorgen om aandacht voor de positie van Drentse schrijvers te vragen.
Bij boekhandel Iwema in Assen nam de Drentse cultuurgedeputeerde Rein Munniksma de fles in ontvangst en nam meteen de gelegenheid te baat om het gedichtendagprogramma bij Iwema als ongesubsidieerd cultureel ondernemerschap te prijzen.
Vooropgesteld. dat het initiatief van Iwema, in samenwerking met DeFKa, prijzenswaardig is, is het toch niet geheel vrij van subsidiering. De dichter Menno Wigman was via de Stichting SSS geboekt en deels gesubsidieerd; de stadsdichter Mischa van Huijstee wordt door de Gemeente Assen gesubsidieerd en ook de inbreng van DeFKa was niet zonder subsidie mogelijk geweest. Ook de overkoepelende Gedichtendag-organisaties, Poetry International en de Vlaamse Stichting Lezen, ontvangen subsidie.
Zo’n gedichtendagprogramma slokt weliswaar geen grote bedragen op, maar geheel zonder subsidies was het, ondanks het geprezen cultureel ondernemerschap, niet mogelijk geweest.

Voor een verslag over het programma zie het AsserJournaal

Biografie Willem Sandberg

Eind 2004 gaf Max Arian, toen redacteur bij de Groene Amsterdammer, bij het Departement voor Filosofie en Kunst in Assen (DeFKa) de eerste Sandberglezing. DeFKa wilde met deze jaarlijkse Sandberglezingen eer betonen aan de vermaarde directeur van het Amsterdamse Stedelijk Museum, Willem Sandberg, die in Assen is opgegroeid.
Max Arian was destijds de uitgelezen persoon om deze eerste lezing te geven omdat hij bezig was met een biografie over Sandberg, waarin ook zijn jeugd in Assen zou worden beschreven. Deze biografie, met de titel ‘Zoeken en scheuren – de jonge Sandberg’, werd gisteren in de Openbare Bibliotheek in Amsterdam (OBA) onder grote belangstelling gepresenteerd.

De avond werd geopend door Hans van Velzen (directeur van de OBA) die het belang van Sandberg voor de internationale faam van het Stedelijk Museum nog eens onderstreepte. Daarna was het woord aan Herman Adèr (Johannes van Kessel Publishing) gevolgd door Jos Houweling, scheidend directeur van het Amsterdamse Sandberg Instituut (masteropleiding Gerrit Rietveld Academie) en initiator van onder meer de Kunstvlaai. Uit eigen ervaring concludeerde Houweling dat de naam Sandberg onder de jongere generatie al aardig in de vergetelheid is geraakt, dat het geheugen tegenwoordig iets is wat zich in een computer bevindt en internetzoekmachines bij het intikken van Sandberg, ‘zandberg’ als optie suggereren. Houweling haalde nog even uit naar Gijs van Tuyl (tot voor kort directeur van het Stedelijk), noemde hem zelfs ongeschikt en vermoedde dat de Gemeente Amsterdam opzettelijk de verbouwing heeft vertraagd opdat het museum pas na het vertrek van Van Tuyl zou worden geopend. Ook hekelde hij het beleid om in musea tentoonstellingen als hapklare brokken voor zoveel mogelijk bezoekers te presenteren. Houweling eindigde zijn betoog met hoe hij dacht dat Sandberg de verbouw zou hebben gewild: met een verbinding tussen het Stedelijk en het Van Gogh, met muren van glas voor de transparantie. Deze samenvoeging zou alsnog de naam ‘W. Sandbergmuseum’ moeten krijgen in plaats van een wat algemeen ‘Stedelijk’; omdat de naam Sandberg staat voor richting en visie.
Na het vele positieve over Sandberg kwam er vanuit de zaal nog een minpuntje, Sandbergs blindheid voor het surrealisme. Dit minpuntje werd direct gecompenseerd door Carolien Rodenburg, die een boek heeft gepubliceerd over het verzamelbeleid van Sandberg, dat altijd in de schaduw is gebleven van de tentoonstellingen, maar zeker niet minder waardevol is geweest
Algemeen klonk er vanuit de zaal het onvermijdelijke nostalgische geluid over de afbraak van de Sandbergvleugel, over de teloorgang en het destijds gevoerde beleid. Natuurlijk is het jammer dat het Stedelijk niet meer de faam heeft die het ooit heeft gehad, de wereld verandert. Maar het Stedelijk zou ook veranderd zijn als Willem Sandberg er nog de scepter had gezwaaid.

Na afloop raakte ik nog even in gesprek met Jos Houweling en we waren het erover eens: musea veranderen, met vaak meer aandacht voor bezoekersaantallen dan voor kunst, maar met de kunst zelf gaat het fantastisch!
En Max Arian wil in Assen graag een tentoonstelling rond Sandberg’s Asser jaren organiseren, liefst in het huis in de Beilerstraat waar hij is opgegroeid. Namens DeFKa heb ik hem in de DeFKa Campis, als alternatieve locatie, een mogelijkheid geboden. We houden daarover contact.

De biografie van Max Arian werd officieel uitgereikt aan Sandbergs dochter Helga, inmiddels 88 jaar.
Meer info over het boek op http://www.jvank.nl/jongesandberg/

Zeur niet, Adrie Krijgsman

Op het vorige stukje Vrijheid, Kunst en Kennis kreeg ik van Joep van Ruiten op het weblog Woest en Ledig onder de kop Brief aan Adrie Krijgsman een uitgebreide reactie.

Hier mijn antwoord daarop:

Beste Joep,

Allereerst mijn welgemeende excuses naar het Dagblad van het Noorden. De aankondiging daarin heb ik blijkbaar gemist en ook van anderen heb ik dat, helaas, niet vernomen.
Wat het overige in mijn inderdaad wat warrige stukje betreft, daar blijf ik achter staan. Je mag dat wat mij betreft gerust zeuren noemen, want dat is het. En vermoedelijk zal ik blijven zeuren over zaken waarvan ik vind dat er over gezeurd moet worden, zoals jij dat op Woest en Ledig soms ook doet. Sterker nog, ik vermoed dat we beiden zo’n beetje dezelfde kant op willen, zij het met verschil van karakter, aanpak en bewoordingen.
Naast het zeuren probeer ik op verschillende manieren een positieve bijdrage te leveren. Het is dus meer dan alleen een verzuurd inhakken op alles wat naar mijn idee niet deugt. Zo noemde ik bijvoorbeeld Sensor City en het HIT, waar ik wel degelijk positief over ben, maar waaraan jij weer niet refereert. Kortom, het is niet alleen kommer en kwel. Dat neemt echter niet weg dat Assen – en het ‘woeste en ledige’ Drenthe – cultureel en intellectueel best een flinke stap voorwaarts zou mogen nemen en dat de politiek en de media hierbij, ondersteunend, wat behulpzamer zouden kunnen zijn. En dat natuurlijk zonder de persvrijheid in te tomen.

Zoals jij eindigde met Annie Schmidt, wil ik eindigen met de Drentse schaatstrainers (DvhN 25-04): “De trainers verwijten het bestuur dat dat te weinig oog heeft voor topsport en te veel is gericht op breedtesport”.

Laat ik het hier voorlopig bij houden.

Vriendelijke groet
Adrie Krijgsman.

Vrijheid, Kunst en Kennis

Zie ook het volgende bericht: Zeur niet, Adrie Krijgsman

Bij de DeFKa Campis werd er vrijdagmiddag gediscussieerd over Vrijheid, Kunst en Kennis. April is de Maand van de Filosofie en overal in het land zijn er deze maand lezingen en discussies. In Assen neemt DeFKa dat voor haar rekening – wie anders? Het thema van de Maand van de Filosofie dit jaar is ‘Vrijheid’ en ik heb daarom de vrijheid genomen er in eerste instantie mijn persoonlijke gedachten aan te wijden; niet wie wat zei, of wie waarover discussieerde, dat komt wellicht later.
Allereerst was het verheugend dat er ruim veertig mensen bij de discussie aanwezig waren. Soms denk ik weleens: in Assen is het intellectueel vechten tegen de bierkaai, alsof het altijd een TT-nacht is, waar ik overigens elk jaar van harte aan meedoe. Of bij politieke debatten waar de gewone man (wie dat ook moge zijn), de mensen in de wijken (alsof de wijk een soort verwaarloosd strafkamp is) of de te weinig bewegende jeugd (waar we wel over, maar te weinig méé praten) zich altijd op belangstelling mogen verheugen. Maar er is meer. Vrijheid, daar denken we aan op 5 mei, want vrijheid is voor velen gerelateerd aan de Tweede Wereldoorlog, terwijl vrijheid natuurlijk van elke dag is, elk uur, elke seconde.
De discussie bij DeFKa had een hoog niveau. Niet per definitie moeilijk, maar kwalitatief hoog, integer hoog, zonder achterliggende belangen. Professioneel en wetenschappelijk hoog, zeg maar, iets waar het in Assen naar mijn idee nogal eens aan ontbreekt. We praten hier toch het liefst over minder bedeelden, over achterstanden, en koesteren de goede doelen zonder trots te zijn op wat we daarnaast nog in huis hebben, zijn bijna trots op de voedselbank die we eigenlijk als de grootste schandvlek van de 21e eeuw zouden moeten beschouwen. Assen heeft daarmee een hoog zieligheidsgehalte. Sportieve uitblinkers worden nog wel in het zonnetje gezet, maar uitblinkers op intellectueel of kunstzinnig gebied stampen we liever terug onder het maaiveld. Assen als Sensor City, met het Hanze Institute of Technology? Het is er wel, maar zijn we er trots op? Ja, o ja. Maar naar buiten toe profileert Assen zich toch liever als het gemoedelijke dorp in het groen waar het lekker wonen en (keten)winkelen is en waar de politiek graag naar de bevolking luistert, waar mevrouw Mulder deze week excuses van de gemeente kreeg aangeboden omdat er blijkbaar toch niet zo goed naar haar geluisterd werd.

Vanmiddag in DeFKa ging het over Vrijheid en Kunst en uitgezonderd een regeltje in de agenda van het Drenthe Journaal hebben de lokale en regionale media er geen enkele aandacht aan besteed. Waarom? Omdat de media denken te weten wat de Asser bevolking wil, omdat zij denken dat de Asser bevolking dom is, ongeïnteresseerd en geen zin heeft in moeilijke discussies en alleen maar lekker rustig in het groen wil wonen als een egel in een houtwal; de stekels omhoog tegen alles wat nieuw is?
En dan is er gelukkig DeFKa, waar ondanks gebrek aan media-aandacht zo’n veertig mensen een interessante middag hadden, een middag waarbij je iets kon opsteken, waar je ook later nog wat aan hebt. Waar onder meer de succesvolle Asser schrijfster Janine Hoekstein in het panel meediscussieerde; waar Maria Noel Dourron, de Argentijnse theatervormgeefster, werkzaam bij Tryater in Leeuwarden, bij aanwezig was; landelijk bekende filosofen als Thijs Lijster en Sybrand van Keulen; de oud directeur van Academie Minerva, Petri Leijdekkers, en Toos Arends van het Fries Museum. Allemaal mensen waarvoor de lokale en regionale media geen enkele aandacht blijken hebben, ze misschien niet eens kennen, niet eens willen kennen.
Ondanks dit alles hebben ik en velen met mij een fantastische middag gehad.

Gerard Reve – God als Eendenei

In literair tijdschrift de Gids ( 2010 / 2) staat een zeer lezenswaardig artikel van de Asser Reve-verzamelaar Nick van Tilburg. Het artikel gaat over een handgeschreven gedicht van Gerard Reve dat Van Tilburg in 2009 bij Antiquariaat Orfeus in Assen heeft aangeschaft.
In het artikel ‘God is oorspronkelijk een Eendenei geweest’ beschrijft van Tilburg het A-4tje, afkomstig uit de nalatenschap van de Friese dichter Jan Wybenga, waarop het gedicht ‘Dagsluiting’ staat. Van Tilburg kwam er na onderzoek achter dat het gedicht is voorgedragen tijdens een beruchte dichtersavond in de Harmonie in Leeuwarden in 1967; berucht omdat Reve daar met Simon Vinkenoog op de vuist is gegaan. Van Tilburg gaat niet over één nacht ijs en heeft ook Vinkenoog, kort voor diens overlijden, over deze avond gesproken.
Onder het gedicht Dagsluiting heeft Reve, naar het handschrift te beoordelen reeds in verregaande staat van dronkenschap, wat krabbels over God geschreven, waaronder het ‘God is oorspronkelijk een Eendenei geweest.’ Met daaraan toegevoegd: ‘Men heeft verzuimd Hem 10 minuten te koken; daarmee is alle ellende begonnen.’
Opvallend detail is dat Reve, in deze door velen toch als goddeloos beschouwde zinnen, zowel God als de naar hem verwijzende woorden Eendenei en Hem, met een hoofdletter schrijft.
Alleen al het omslag van deze Gids, met daarop het A-4tje, is de aanschaf van dit nummer waard. Zeker voor Reve-verzamelaars.
Van Tilburg publiceerde eerder De laatste signeersessie (2006) en een artikel over Halbo C. Kool en zijn rol in De Avonden van Gerard Reve in Tirade (2009, #427).

Twintigste Kunstbende

In het ICO in Assen vond gisteren voor de 20e keer de Drentse voorronde van de Kunstbende plaats met zo’n honderd deelnemers en ruim zeshonderd bezoekers.
Na enig aandringen van de organisatie jureerde ikzelf voor Expo. Juryleden zijn blijkbaar lastig te vinden in Assen en moesten zelfs tot vanuit Amsterdam komen. Opvallend vond ik dat Expo meer deelnemers had dan voorgaande jaren en het aandeel muziek naar mijn indruk juist minder. Een lichte verschuiving naar de beeldende kunst dus, met overigens een opvallend hoge kwaliteit.
Ik jureerde voor de vijfde keer. Niet meer doen, denk ik steeds, want het kost me weer een dag en ik zit al zo schaars in de vrije dagen. Maar goed, je doet het in eerste instantie niet voor jezelf. Het gaat om al die ambitieuze en enthousiaste jongeren die zich met kunst, of in ieder geval creatieve uitingen bezig houden en in mijn optiek is dat voor onze toekomstige maatschappij belangrijker dan tegen een bal trappen. Natuurlijk zijn het bij de Kunstbende niet allemaal voorbeeldige jongeren, maar het zijn wel de jongeren waaraan ik een toekomstige maatschappij zou willen toevertrouwen. Ze zijn enthousiast, hebben ambitie en degenen die ik gesproken heb zijn ook intensief met hun opleiding bezig.
De Drentse winnaars die doorgaan naar de landelijke finale op 17 april in Amsterdam zijn: Film: Setombia Animations (Sebastiaan van der Laan, Assen); Taal: Joeri Heegstra (Assen); Theater: Easy (Yentl Hijmans, Meppel); Expo: Mathilde Nakken (Assen); Fashion: Coco Anna (Anna Vinken, Exloo); DJ: dj John Wicked (Thijs Jansen, Uffelte); Muziek: Carnation (Gerco Klein, Zuidwolde) en Dans: Maret Posthuma (Emmen).
De Kunstbendedag was uitstekend georganiseerd, zonder het lange wachten dat voorheen nog weleens vervelend werd. Er zat meer snelheid in en van alle kanten straalde de dynamiek er vanaf.
Tot slot één minpuntje: Het presentje voor de juryleden/vrijwilligers was 100% Bartje. Ik ben nog bereid het als een ironisch bedoelde geste te zien, maar verder ben ik van mening dat Assen van dat oubollige joch af moet!

Gedichtendag 2010

Hagar Peeters
Hagar Peeters, Adrie Krijgsman en Gert Wijlage

Onder de titel LIVE STREAM POETRY werd vanuit boekhandel Iwema in Assen een live-uitzending verzorgd voor de lokale radiozender Radio Assen. In de uitzending, onder auspiciën van DeFKa /Het Lokale Brein droegen Hagar Peeters, Nicolette Leenstra, Egbert Hovenkamp II en Adrie Krijgsman voor uit eigen werk.
Hagar Peeters begon met een voordracht uit haar laatste bundel, ‘Loper van licht’ (Bezige Bij, 2008); een bundel die nogal wisselend is ontvangen maar waaruit ik zelf het lange gedicht ‘Jeremiade voor het Avondland’ zeer de moeite waard vond. Ik ben dan ook een liefhebber van lange, wat bezwerende gedichten met veel opsommingen. Het gedicht gaat over het roestige / verroeste Europa, en lijkt daarmee te verwijzen naar het beroemde boek van Oswald Spengler ‘Untergang des Abendlandes’ (1918-22) waarin gesteld wordt dat de Europese cultuur naar zijn einde loopt.
In de ‘Jeremiade voor het Avondland’ van Hagar Peeters is het uiteindelijk de mens, die veerkrachtig genoeg is om alle veranderingen te doorstaan zonder zelf te verroesten.
Nicolette Leenstra, veel soberder en ingetogener dan Hagar Peeters, verraste me met een drietal mooie gedichten over Osip – en zijn vrouw Nadezjda – Mandelstam.

Een zeer geslaagde, afwisselende uitzending die door zo’n dertig poëzieliefhebbers werd bezocht en gewaardeerd. Zeker de moeite waard om dit vaker te organiseren.

Sfeervol Festival de Ontmoeting

In het centrum van Assen vond op zaterdag, 22 augustus, bij prachtig weer het Festival de Ontmoeting plaats. Een stadsfestival waarbij het kennismaken met inspirerend gedachtegoed, verrassende tonen en tekens, andere levensstijlen en bijzondere mensen centraal stond.
Onderdeel van het festival was het al langer lopende project samenspel dat nu werd afgesloten met een stadsdebat, geleid door Henk Kersten en Peter Zwerus. Deelnemers aan het debat waren een aantal bekende en spraakmakende Assenaren van diverse nationale en culturele komaf, waaronder ikzelf.
De debatten gingen over de verleidende stad, de multiculturele stad en de stad als podium voor kunst en cultuur. Interessante debatten, met gelukkig verschillende meningen, die volgens zowel deelnemers als toeschouwers een vervolg waard zijn.
Veel kritiek hoorde ik over de afwezigheid van het college en ook over de magere opkomst van raadsleden. En terecht. Telkens beweert de lokale politiek de mening van de burgers zeer belangrijk te vinden. Miljoenen werden al uitgegeven aan het project Assen Koerst, maar nu de meningen gratis werden aangereikt en bediscussieerd was er vrijwel geen politieke belangstelling. Een gemiste kans.
Verder echter niet getreurd, want het was een gezellig en sfeervol gebeuren daar op de Markt met een behoorlijk aantal belangstellenden. Ik vond het dan ook jammer dat ik de rest van het programma wegens andere werkzaamheden moest missen.