Systeemgedachten tijdens corona

[244] Omdat ik zelf een biosysteem binnen een groter biosysteem ben, heb ik (je zou kunnen zeggen: door interventie-ervaring wijs geworden) vaak de neiging om bij problemen het systeem een kans te geven om oplossingen te vinden, om genezing te bewerkstelligen, of in alledaagser bewoordingen: om het zelf maar uit te zoeken! Niet uit luiheid, maar omdat het middel vaak erger is dan de kwaal. En met altijd in mijn achterhoofd de dichtregels van Leopold:
‘Hoe ook het lot met kwelling u mag slaan,
weest stil, gij maakt het erger, laat begaan;
wie duwt de golven van de zee terug?
het pogen zelf doet weer een golf ontstaan.’

Zowel bij geduvel en verstoringen in mijn eigen organisme, met gelukkig zelden noemenswaardige kwaaltjes, bij verstoringen dus in mijn fysiek-mentale constellatie, en eveneens wanneer deze plaatsvinden op een extensiever maatschappelijk niveau, is het dikwijls onverstandig om ogenblikkelijk te interveniëren, om maar direct met radicale oplossingen te komen. Om die reden ben ik ook een betrekkelijke ‘zorgmijder’ omdat de meeste pijntjes vanzelf wel overgaan. En dat is niet omdat ik wantrouwen koester tegen de wetenschap, of geen fiducie heb in deskundigen, al heeft dat wel zijn beperkingen omdat er veel pseudodeskundigen rondscharrelen die een graantje mee willen pikken, maar het is meer omdat ik in eerste instantie wil uitgaan van de eigen kracht van het ‘systeem’, van zelfgenezing, van zelfherstel. Soms kan niets doen dan een goede optie zijn, zoals ik op internet over covid-19 ergens las, naar aanleiding van het kwatrijn van Leopold, ‘wees stil (…) laat begaan’, dat zelfisolatie in de huiselijke stilte (en daarmee het virus even laten begaan) geen slechte remedie is gebleken.

Ook, en ik realiseer me dat ik velen daarmee tegen mij in het harnas jaag, met de ‘black lives matter’- demonstraties, die plotseling door één gruwelijke video oplaaien, denk ik: laat nou even! Want het veronachtzamen van de covid-19 maatregelen kan op termijn weleens tot meer slachtoffers leiden. En hoe meer infecties, hoe groter het aantal doden en hoe groter ook de economische ellende, en dat zijn allemaal factoren die extra nadelig zijn voor de zwarte minderheid waar de demonstranten nu juist voor opkomen. Zo is het dus maar de vraag of het discriminerende virus, en ik zeg er nadrukkelijk bij ‘op het moment’ niet erger is dan het menselij-ke racisme. Een andere vraag is of de antiracisme-acties in coronatijden niet op een andere, hedendaagsere manier gevoerd kunnen worden, niet meer op middeleeuwse wijze te hoop lopen voor het paleis van de koning, maar … In Europa is het dan vreemd genoeg de ‘Kaukasische’ medemens, de witte mens die zich soli-dair toont met de African Americans en met de ‘black lives matter’ in algemenere zin. Een solidariteit die we volgens mij in veel mindere mate bij andere demonstraties tegenkomen. Niet dat die solidariteit onterecht zou zijn, integendeel, het is alleen maar te prijzen, maar het wekt ook het vermoeden van het wegpoetsen van een (historisch) schuldgevoel, zodat we over enkele weken weer ‘gelouterd’ kunnen terugkeren naar het ‘normaal’, waarbij het nog maar de vraag is of dat normaal ook een ‘nieuw normaal’ is én waarbij het nog maar de vraag is of we dan afzien van iPhones omdat ook bij het vergaren van grondstoffen daarvoor de zwarten als pseudoslaven nog altijd worden misbruikt.

Via zelfgenezing en zelfherstel, woorden die ook lexicografisch dicht bij elkaar liggen, was het maar een klein sprongetje, niet meer dan een stapje eigenlijk, naar zelforganisatie, naar het proces waarbij er in een chaotisch systeem automatisch nieuwe structuren ontstaan omdat de onderdelen van het systeem, zolang er energie aanwezig is, ongeleid interacties met elkaar aangaan. Zelforganisatie wordt vaak veroorzaakt door willekeurige (stochastische) fluctuaties die versterkt worden door positieve terugkoppeling. Anders dan in een deterministisch proces, dat naar een bepaalde, noodzakelijke uitkomst leidt, verloopt een stochastisch proces volgens toevalligheden en zijn de uitkomsten niet van tevoren bekend.

Dit ‘systeemdenken’ heeft in bijvoorbeeld de sociologie geleid tot de afbouw van het enge natuurwetenschappelijke model. Zo ontwikkelde Talcott Parsons in de jaren 1960 een ‘grand theory’ over de sociologie, waarin economie, biologie en politicologie werden gecombineerd binnen de systeemtheorie. Actueel op dit moment van ‘black lives matter’ is zijn onderzoek naar burgerschap in de VS en waarom zwarten daarvan werden uitgesloten. Andere minderheden, zoals Joden en katholieke Ieren, die evenmin aan het Amerikaanse ideaalbeeld voldeden, werden wel als volwaardig opgenomen, dus waarom zwarten niet? Het verschil bleek er uiteindelijk in te zitten dat andere groepen ‘vrijwillig’ waren gekomen en de zwarten als slaven waren ingevoerd – en niet vrijwillig naar het ‘beloofde land’ waren gekomen. Omdat ze dus niet vrijwillig naar het land van hun keuze waren gekomen, maar zij tegen hun zin in een ‘vijandig land’ waren geïmporteerd, werden ze als vijandig en inferieur beschouwd en de blanken vreesden dat de natie in moreel niveau zou dalen als de zwarten volwaardige burgerrechten kregen. De oplossing was volgens Parsons dat zwarten zich zouden opwerken door scholing om zich op die manier van het stigma te bevrijden. Een oplossing die voor een groot deel goed heeft gewerkt, hoezeer momenteel de zaak ook escaleert.

De theorie over complexe systemen heeft ook geleerd dat sociale interactie wordt geordend door zelforganisatie, veel meer dan door overheidsbeleid. De socioloog Herbert Spencer opperde als eerste het idee de samenleving te beschouwen als een sociaal systeem en vergeleek haar met een biologisch organisme. Hij vergeleek daarbij de bloedsomloop met het economische handels- en ruilsysteem en het zenuwstelsel met de overheid. In de jaren 1960 kreeg het structuralisme, waarbij ook het concept van het systeem als een geheel van elementen en relaties centraal staat, steeds meer aanhang, als vervanging van het oudere existentialis-me dat veel individueler was gericht, veel meer op actieve zelfrealisatie.

Een voorbeeld van zelforganisatie is het ontstaan van orde in een doos met kleine en grote ballen als deze in een zwaartekrachtsveld wordt geschud. De kleine ballen zullen dan uiteinde-lijk onder in de bak komen te liggen. Er is dus door een willekeurige handeling (het schudden) orde in de wanorde gekomen. In dit voorbeeld is er een energievoordeel voor de kleine ballen in het systeem, zij vallen als het ware tussen de openingen die de grote ballen openlaten door naar beneden. Dit effect komt in de praktijk voor in bijvoorbeeld pakken muesli waar de grote nootjes boven op de kleinere en ogenschijnlijk lichtere havervlokken terechtkomen. Als we dit voorbeeld nu eens sociologisch gaan benaderen zouden we zomaar uit kunnen komen bij een top van ‘groten’, van oligarchen, presidenten enzovoort. Met op de bodem altijd weer de kleine man, de uitgebuite migrant, de min-geachte enzovoort.
Sociale systemen die in evenwicht trachten te blijven door zelfregulering (homeostase), door het handhaven van (vaak ongeschreven) regels, maken gebruik van het moreel besef en de gedragsnormen van de groepsleden. Als deze zelfregulering niet of onvoldoende werkt, bestaat het risico van ingrijpen door derden, door het opleggen van bepaalde regels (China in Hongkong, Trump bij de demonstraties in Washington DC). Een verstoord evenwicht in een (sub) systeem draagt dus risico’s in zich, die dan binnen een hoger, of een groter systeem worden ‘opgelost’.

En zo kwam ik uiteindelijk terecht bij het postmoderne schuim van Sloterdijk, waarin ik nog aan het lezen ben (en waarvan veel mij nog onduidelijk is) over de opstanden tegen het (neo) liberale individualisme en tegen de antigodsdienstige reflex in de steeds snellere beweging van de moderniteit, met uiteindelijk de vraag hoe de individuele schuimbellen, die samen het schuim van de wereld uitmaken, tot samenleven in staat zijn. Een vraag die ouder is dan Sloterdijk, en die ook mij wel zal overleven, maar vertrou-wende op zelfregulering van het systeem … tja, ben ik, als schuimbelletje, tot zachtjes, met een plopje dissolveren gedoemd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

* Copy This Password *

* Type Or Paste Password Here *