onzeker gebied

Mijn nieuwe bundel ‘onzeker gebied’ is binnen. Bij mij te bestellen voor € 10,- incl. verzendkosten.

Hier is de gratis digitale versie te lezen:

Vriend en collega-dichter Egbert Hovenkamp II schreef over deze bundel:

“Dit is het vierde gebied (na “schraal grondgebied”, “verwoord gebied” en “ongerieflijk gebied”) waarin Adrie je meeneemt op een reis waar binnen buiten is, waar kennen weten is. Je zit naast hem en kijkt, je zit naast hem en luistert. Wat hij ziet zie je met hem mee. Hij weeft er mythologische figuren doorheen uit een oudheid die zich ongedwongen naar nu verplaatst.
Het is poëzie die leeft, levendig is en mijmert, mijmert in stilte, mijmert met een glimlach ook. Het is sprekende poëzie die aan- en uitspreekt. Om in te nemen. Om door te slikken.
Het is een gebied waar geleefd wordt en Adrie tekende dat als poëzie op, eigenzinnig en in onzekerheid gedrenkt. Waardevolle poëzie. Het moet gezegd en dat doe ik.”

Nieuwe bundel in aantocht

In het najaar zal er weer een z.g. ‘gebiedsbundel’ van mij verschijnen. Inmiddels de vierde. Deze bundels zijn geïnspireerd op reizen naar voornamelijk Noorwegen.

Eén van de gedichten uit de nieuwe bundel:

VERBINDING

de rotsen worden donker
onder het avondgebed
in de staafkerk

waar buiten in het houtsnijwerk
Nidhogg nog altijd aan Yggdrasil knaagt

en ik in strijklicht
deuvels in de gaten sla
en zwaluwstaarten dicht
om woorden te verbinden

nooit sloeg men in de kerk
de spijker op de kop
denk ik gemoedereerd

de zilverberken steken allengs scherper af
tegen de streken vers geteerde lucht

terwijl het landschap
minzaam in duisternis wegzinkt

en in de venijnboom
onder Vidofnirs adelaarsvleugels
een koele avondzucht
nog een slaapliedje zingt

Liggend Naakt (een gedicht)

Na tien jaar reviseren (nee, geen 24/7) heb ik besloten dat het gedicht Liggend Naakt, Een provinciestad in het landschap, maar eens af moet zijn.

Lang geleden heb ik Assen eens een verlegen tutje genoemd. Een beetje liefkozend eigenlijk, maar niet zonder kritiek. Zo’n tutje dat zich niet van eigen schoonheid en capaciteiten bewust is. En al begint ze inmiddels al volwassener te worden, ze is nog teveel aan het traditioneel vertrouwde ouderlijk huis gekluisterd. Ook heb ik me gerealiseerd dat Assen naast het verlegen tutje, ook een machostad is, een garnizoensstad gericht op competitieve sport, auto’s en snelle motoren.

In het gedicht Liggend Naakt (182 pag.) zijn historie, liefde en kritiek op vele manieren doorweven. Ik spreek erin over Assen, maar ook over andere items en Assen spreekt ook over mij. Het is een poging tot het weergeven van een gevoel dat Assen bij mij opwekt. En dat is vooral een haatliefde verhouding.
De online pdf versie is te lezen, of naar wens gratis te downloaden via deze link

Nationaal hitteplan

Nationaal hitteplan

vandaag steek ik mijn middelvinger op
naar vrienden bij de verslavingszorg
want eindelijk val ik onder een doelgroep
die van staatswege moet drinken

dus straks maar lekker
glaasjes klinken in de schaduw op het terras
en niet te dik gekleed natuurlijk
rustig lopend ook, want sowieso
met al het vrouwenbloot op straat
smelt ik als bijenwas
nog ver voor ik de korf verlaat

terwijl ik steeds maar denk
dat suikerberg en zijn bevriende koekjesvreters
alsook de camera’s her en der
mij constant in de smiezen houden
wordt nu mijn medemens gevraagd
wat meer dan anders over mij te waken
en mij van zonnesteek of flauwte
zo mogelijk zien te weerhouden

eindelijk fijn een bejaarde te zijn
want toen ik in mijn jeugd
nog weleens in de tropen bivakkeerde
was er geen sprake van een hitteplan
werd je nog niet geremd door overheidsdictaten
met alle risico’s van dien
en gewoon aan je hittelot overgelaten

Waterspiegel

Na een eerdere samenwerkingscombi op 15 maart hier nog een extraatje.

WATERSPIEGELik zie hier slechts de helftin het land van de donutsmet zwevend boven het watereen verhaspelde…

Geplaatst door Poezie en Kunst op maandag 30 april 2018

Samenwerking met Poezie en Kunst


Een mooie samenwerking, het maken van een gedicht bij een schilderij van Gea Zwart.

En dat terwijl ik over het algemeen niet zo van praatjes bij plaatjes houd, of andersom.
In geïllustreerde dichtbundels is de meerwaarde van de combinatie tekst en beeld vaak ver te zoeken vind ik, al zijn er daarop wel positieve uitzonderingen, zoals bijvoorbeeld de bundel Dood Hout van Albert Bontridder, met illustraties van Corneille.

Dit keer heb ik mij laten verleiden en ben zeker tevreden met het resultaat van de combinatie. Zowel schilderij als gedicht zijn sterk genoeg om zelfstandig door het leven te gaan, wat voor mij ook een voorwaarde is.

Meer over het project Poëzie en Kunst op de Facebook-pagina.

Hier en daar


Op 10 maart 2018 droeg ik ‘s middags voor op een GAL-middagje (dichterscollectief Groningen-Assen-Leeuwarden) in STAP, Assen. ‘s Avonds bij Dubbel & Dwars in het Verenigingsgebouw in Veenhuizen. Na afloop van dit alles kon ik het restje BoekenFEST’18 in De Nieuwe Kolk in Assen nog tot sluiting meepikken. Mooie dag!

HIER EN DAAR

waar op de voorgrond
het nabije bestaan
zich lachend aan de zomer laaft

hier

acht winterdagen lang
heeft hij geen sneeuw gezien
maar in de nacht van negen
onderweg naar tien
rijdt hij

een levenslied pulserend
op grauwwitte achtergrond af

en staat in sneeuw
nu oog in oog
met recht dat in de staat
haar zetel heeft

maar waar
voor wie bewust in verte leeft
de wereldwil rechtvaardigheid laat wijken

voor ontgoocheling

Voordracht Groningen

Afgelopen zondag (19 februari) was het weer een prachtige GAL-middag, dit keer in kunsthandel Peter ter Braak in Groningen, met poëzievoordrachten van Henk Dillerop, Bart van Mulkom, René Alberts en Jaap Veenstra.
De poëzie werd afgewisseld met liedjes van de Groninger singer-songwriter Bert Harders.

Ikzelf was dit keer gastdichter en droeg gedichten uit mijn nieuwe serie ‘Kosmisch’ voor, waaronder de nieuwste:

URSA MAJOR

bekend onder talrijke namen
behoorde deze beer tot de geboden
van lang vervlogen stuurmanskunst
en navigatieleer

met voor het blote oog verborgen nevels
zwarte gaten clusters en spiralen
draait op mijn breedte steeds de steelpan
rondjes door de hemelsfeer

’s morgens om een ei te koken
’s avonds voor een lik saté
’s nachts de hoogte van de pan
denkbeeldig met een factor vier verlengd
staat steeds als baken strak boven de pool
erkend de Noordster aan het end

sinds eeuwen bracht hij ruige zeelui
globetrotters en piraten ongedeerd weer thuis
na hardvochtige tochten op land en zee

en ook ikzelf vond soms mijn weg ermee

uit louter adoratie voor de leegte
en wat ik daarin steeds weer gadesla
hijs ik de blauwe staatsvlag van Alaska
met acht gouden sterren in top

en fantaseer er zelf het allegorisch beeld
van de mythische beer wel op

Narcistische Trump

VOORGOED BETRUMPT

over het water gebogen

vol ijver tot een gouden kalfje biddend
zit hij naakt op zijn knieën

ziet zichzelf in de vijver
als ideale mens – in eigen beginsel

maar telkens werpen rechters
en verslaggevers een steentje

verstoren concentrische kringen zijn zelfbeeld

ik zie zijn weerzinwekkend witte billen

een zwarte daas die hem razend maakt

het ziekelijk zelfbeeld zoekgeraakt
in de strijd om het dwingende willen

de eerste viool in het strijkorkest
verdwijnt in de treurige echo’s

tot enkel nog
de gele narcis rest

Ver Heen – woorden gaan op reis

20161203_111748Nee, ook ik ben niet opgenomen in ‘De Nederlandse poëzie van de twintigste en eenentwintigste eeuw in 1000 en enige gedichten’ van Ilja Leonard Pfeijffer, die onlangs werd uitgebracht.
Maar niet getreurd, ik sta wel met twee gedichten in de bloemlezing ‘Ver Heen’, een bundel met ruim vijftig gedichten over ‘reizen’.
En nee, de titel heeft niets met die andere Ver Heen te maken.

Een van de opgenomen gedichten:

VOLDOENING

een goed geworpen leven
dichtbij een doelwit neergeploft
heeft opgedoft nog niet vanzelf
de juist omschreven snit

verkeerd gevlochten patronen
maken een onoverzichtelijk grid

daar kun je op wachten
er is tijd genoeg

“you like to live in a swamp?” vraagt ze

het grasveld is na lange regen zompig
kleding en tent zitten vet onder modder

het stormt

“in a certain way, yes” luidt het antwoord
een schuwe wezel duikt weg tussen struiken

de zijnsvergetelheid stavend
wordt haastig een thuis gezocht
dat bij vinding al weg is

ik zie een bordje met ‘dismanteled’
en schiet er voldaan
een kiekje van

Uit de bundel Ongerieflijk Gebied, Adrie Krijgsman, 2016