sagrada familia

(concept - voor een nieuwe reeks onder de titel Bitter)

schoorvoetend gezien het gezin | in den beginne

    de valversnelling nog laag in eenheden gal

eerst later kwamen zwoegend woest & ledig
    en tegendraads in de kwijnende dag de kater & de vos1
    terug van de Russische toendra

    met vuile | aan vreemden uitgevente vacht
    met hangende pootjes en staande staarten
    met grommen en grauwen

    de beulsknoop al in het stroptouw gestrikt

de permanent bevroren grond op kerngezin gekopieerd
    verstikt in afgekoeld nest bij terugkeer

opgevroren :
    polygone structuurbodems | palsa’s en pingo’s
    schreeuwen op de unheimische vlakte
    gladgestreken vlakte
    ga!

    uit over de huid – onderhuids over de huid

haaks op het magnetisme des vlezes
dat ooit als hemels wonder het ongerijmde
ontviel

1 Russisch sprookje

Avondklok

o avondklok
je houdt mij
in mijn winterhok

van vrije mens
tot zondebok
als avondmens
neem ik de gok
en zoek de grens
op mijn balkon
met maar één wens:
de avondzon

Pandemisch, bespreking door Jurjen K. van der Hoek.

Geen troostrijke gedichten in bundel Pandemisch

Troost zoeken bij elkaar, in de armen vallen. Tja, dat gaat nu even niet. De ander aankruipen en lieve woordjes fluisteren, knabbelen aan een oor. Maar nee, dat is er nu ook niet bij. Zelfs een opbeurend klopje op de schouder moet achterwege blijven. En als dan de fysieke bemoediging niet kan, dan grijpen we naar de digitale pen. Zoeken het in woorden, die zinnen zetten in verzen en liedjes. Om de op de loer liggende stress van ons af te schrijven. Of de omgeving tot in de kleinste details vast te leggen. We zoeken elkaar in de communicatie op sociale media. Spammen onze medemens via bijvoorbeeld Facebook, Instagram en Twitter met naar ons idee opwekkende posts. Troostwoorden, steunbeelden, een gedicht of foto als ruggensteun.

Dat is wat Adrie Krijgsman met afgrijzen aanziet en ver van zich afschuift. Hij is niet de dichter van de valse emotie. En wilde zelfs niet schrijven, omdat hij allerlei van die goedbedoelde rijmelarij voorbij zag komen. Hij is niet van zo’n soort in zijn ogen goedkope poëzie, dat die titel eigenlijk niet kan dragen. Krijgsman gaat beter tekeer op papier, schoppend ook tegen voor anderen heilige huisjes. Toch zette hij zich achter het toetsenbord, noodgedwongen eigenlijk want een dichter moet nu eenmaal dichten. Dat zit in zijn DNA. Een heilig moeten. Hij kan zich niet anders uiten. Schrijft over wat hem bezig houdt. Dat is dus in dit geval de pandemie, het coronavirus en het hele gedoe daar omheen. Iedereen heeft daarmee te maken. Het is in de wereld ingedaald, deel van ons ieders leven. Krijgsman kon er kortom niet omheen. Gelukkig maar, want het heeft geresulteerd in een meer dan leesbare bundel. En er volgt meer. Want je kunt je opsluiten tegen het virus, maar niet afsluiten van de mensheid.

“Pandemisch” gaat over het virus, over afstand houden, over mondkapjes en de lockdown – het van hogerhand opgelegde thuis blijven. “thuis door een volgzaam geweten in zelfisolatie”. Het komt in omfloerste termen voor in de gedichten, niet omdat er niet over gesproken mag worden maar om de verzen tijdloos te houden. Actueel voor vandaag en later, voor nu en dan. Krijgsman schrijft in een losse stijl. Zijn zinnen kloppen melodieus, zingen voor mijn ogen. Ritmisch bewegen de woorden op papier zonder te rijmen.

Toch laat Krijgsman in het eerste gedicht meteen al weten waar hij in de bundel staat en wat hem bezig houdt. “altijd omhelzingen trouw geweest / groeten we nu (terloops) op onschuldige afstand – / twee armlengtes is het advies” Hij ziet terug op het normaal, dat toen heel normaal leek maar nu abnormaal is. Krijgsman schrijft niet de pandemie van zich af, maar ziet het aan en vindt er wat van. De zorg, de kerk, de nee-roepers, de meeklappers, de hamsters. Ieder heeft een stem, elk krijgt het woord. Alles sleept de dichter met kop en staart erbij, iedereen gaat met de kloten voor het blok. Vooral het afstand houden is onderdeel van de woorden tot zinnen in verzen, omdat dit een wezenlijk onderdeel is van deze tijd. De mens als kuddedier wil zich tegen de ander schuren, een hand geven. Het is moeilijk te normaliseren dat dit niet (meer) kan. En dan de mondkapjes, de eeuwige discussie. “we raken de piraten maar niet kwijt / de menselijke vrije radicalen / althans: de vrije drugsverslaafden / hormoongedreven dopaminedrifters – van hot naar her / met zonverbrande huid / met koperfluit / met snarentrom”

Er komen grote denkers voorbij in de teksten. Hun gedachtengoed past even goed in het fragmentarische verhaal. Krijgsman denkt met hen mee en sluit zijn gedachten erbij aan. Marx, Hegel, Van Ostaijen, Vandersteen en Don Quichot. Ze worden ingevoerd in de corona problematiek. En veteraan Moore die gesponsord veel kilometers liep, en de brute dood van Floyd die een wereldwijde protestactie deed uitbreken. De demente oude man in het 38e gedicht. “ah ben jij het? ik zie het nu pas / kinderlijk verrast” De lockdown betekent niet dat de ogen gesloten zijn, de oren dicht gestopt voor wereldnieuws. De voelsprieten staan op scherp. In gedachten en door de handen van Krijgsman worden het meestentijds belerende gedichten daarom. Bozig ook, maar nergens gaat hij over tot schelden en vloeken. Want goede gedichten zijn niet gebaat bij zware emoties vindt hij. Daarom klinken de woorden vaak met een ondertoon van cynisme. Het gram halen moet toch ergens een uitweg vinden en krijgen. “rustig blijven onder rivalen zonder verhaal / rustig blijven bij stokkende taal van kompanen” De pandemie maakt creatief, maar stompt ook af. De ernst wordt niet gezien, wanneer het snijdt in de beurs. Geld blijft meer belangrijk dan wat ook, dus doen we niet meer mee. Ze willen hun knuffeltje terug, en wel meteen. “zij neuriën voorzichtig het lied van de engel des doods”

Adrie Krijgsman gaat speels en vrolijk om met de opgelegde beperking. Hij laat zich er niet door kisten of op de kast jagen. Spitsvondig schrijft hij toch de emotie van zich af. Ik kan me erin vinden. Het sluit aan op mijn beleving. Troost het me, nee dat niet. Het sterkt, door te weten dat er mensen zijn die woorden kunnen geven aan mijn gevoel. Op dezelfde golflengte zitten. “over de bekende weg / over de uitgestippelde weg / over de kerende dikke-pech-weg” De onbenullen sleepten ons de tweede golf in. Maar met Krijgsman in gedachten en op zak surf ik hoog en val niet diep. “we gaan ervoor! de kater komt later”

Het gaat steeds daar over, wel 40 gedichten lang. En dan is Krijgsman er nog niet uit. Het C-woord blijft lang na deze bundel “Pandemisch” door etteren. Maar in de serie vond ik toch een vers dat verademend lijkt ergens anders over te gaan. een droombeeld, onwerkelijk. “droomde vannacht / van een winterse wurgslak / het zal de dagsleur geweest zijn / voorafgaand / het re-pe re-pe re-pe-terende / tering naar de nering zetten / in figuurlijke zin – nergens heen! / waarom winters? : wit! / het slijmerige lichaam / strak om het vooruitzicht aangetrokken / de ademtochten van de dood al… / wist ik dat vlak naast mijn bed / er een zoutvaatje stond”

Bundel “Pandemisch – COVID-19 gedichten”, poëzie van Adrie Krijgsman. Uitgave Brave New Books, 2020, ISBN: 9789464182866 – 56 pagina’s – € 14,95

Jurjen K. van der Hoek,
jurjenkvanderhoek.tumblr.com 13 nov. 2020.

Pandemisch – COVID-19 gedichten

Natuurlijk is een ‘echte’ bundel leuker.

Maar wil je toch een koopje, of hem eerst inzien, dan is hier een gratis pdf-versie.

Te bestellen bij de uitgever of bij je favoriete boekhandel
EAN 9789464182866
En hij ligt op voorraad bij Van der Velde Boeken in Assen.

Voor een mooie bespreking van deze bundel zie het blog van Jurjen K. van der Hoek

Ook mijn iets oudere boeken zijn nog te bestellen, voor een overzicht klik hier.

Viruswaanzin … ?

*
voor zo zijn onze manieren staan zij (met een protestbord)
te prijken de rijke / middeleeuws gezeten ridders
van de gulden / aangespoord tot het historische normaal
van voor de sporenslag – tot eer en glorie van het eigene

vaak lieden met een leenroerig belang / nog voor het einde

van de dag / willen zij à la minute hun knuffeltjes terug
de warme kus des doods / au bain-marie / de blootgelegde
lengte van het meetlint opgerold in zijn omhulsel (vlug)
omdat het meten voor de ridders geenszins weten is

de hooggeheven (middel-) vingerstijfte wijst naar Fuck
de reutelende longvis voorhistorisch op het adembed

ik wil het vet van ongeremd verderf / ik wil
de liederlijke lust op zuidelijke zuipkust hier
en speelveldgroen voor de miljoenendans
ik wil / sjansen op de Élysées / ik – dikke / Rammstein
dampend / stampend op de reutelborst desnoods
rammend / roekeloos ronkend schemerdonker
verdomme! / En al wie met ons mee wil gaan
die moet onze manieren verstaan / versta je?!

2020 Adrie Krijgsman

Herdenking frontlijnwerkers

In het Verenigd Koninkrijk werd op 28 april 2020 een (zeer indrukwekkende) minuut stilte gehouden voor de door corona gesneuvelde frontlijnwerkers. Het inspireerde mij tot dit gedicht:

*
staan blauw op rij in de regen
in transparante isolatiejassen / in leegte gebeiteld
en sinds de eerste golf nog nauwelijks opgewassen /
stijf in de tijd (sloeg tijdelijk wijsheid weg) met na de tijd
een indringend pleidooi voor beschermende kleding

op andere plekken zwartgeel – de meesten in spreidstand
voor signaalrode bussen / handen gevouwen /
achter olijfgroene tafel de eerste minister
met strak in de kleren zijn kernkabinet
piloten in rood / burgers – doodgewone burgers
in hun dagelijkse kloffie in de tijd – de stiltetijd –
de landelijke stiltetijd / de herdenkingstijd
voor omgekomen helden / een eerbetoon / een minuutje

daarna terug naar de coronastrijd
naar de frontlinie : naar de sprakelozen … naar de ademlozen

de handen voor de mond geslagen
dochters van veteranen (captain Moore)
uit buitenlanden soms / tranen
(ook ik was vroeg mijn moeder kwijt)

de tijd – een minuutje voor de doden
de roosters worden aangepast
tijdelijke goden – nieuwe goden / worden ingewijd
toegewijd – omdat het ook doorgaat!

Cijfers

zonovergoten microbiotische morgen, dezelfde, met licht geschilderde hoofden die spreken, nog steeds
in onuitspreekbare cijfers,

de klimmende grafieken, de tomeloze val van diagrammen, van de geworvenen, van de verdorvenen
in onuitspreekbare cijfers,

de zorg om de tekorten, om wat verloren wordt en is, om wat nooit aankwam of verdwenen is
in onuitspreekbare cijfers,

de gram en de gal, zij die gaan en beklijven, de zuchtende zorg nu de morgen weer aanvangt
in onuitspreekbare cijfers,

de koningsparen troostend bij bejaarden, de presidenten, landgenoot en vreemdeling, allen die in droom en daad deskundig zijn
in onuitspreekbare cijfers,

blauwe kleding, maskers, brillen, in wandelgangen, thuis in quarantaine of in een tweespraak, onherkenbaar, allen gillen
in onuitspreekbare cijfers,

om mondkapjes, bedden, beademingsapparatuur, om veilige condities om ook morgen
in onuitspreekbare cijfers,

besmet op het werk, op vakantie en biddend onder Gods bescherming in de overvolle kerk
in uitspreekbare cijfers,

in de oorlog tegen het virus de dode dokters, gesneuvelde verplegers, het ambulancepersoneel op de tenen
in onuitspreekbare cijfers,

de onuitspreekbare liefde, het onuitspreekbare leed, de onzin, de waanzin, de hoop
in onuitspreekbare cijfers

© 2020 Adrie Krijgsman

Corona / Covid-19

Lopend over onzichtbare scherven,
te klein voor pijn, ze moeten eerst broeden,
maar wel al te groot om veilig te zijn,
schaamteloos & verraderlijk
als de giflegers van Bashar al-Assad slaan ze toe,
      toe maar! dat doet maar!
Bedrieglijk – een kruiperig oog,
de droge hoest bij knoestige bomen,
koorts bij tengere stengels,
verdriet in het opschietend voorjaarsriet,
      lentelied & verderf – stille erven, dode pleinen, verdriet.
Blaming & shaming: opgehitst tijdens wintersport,
bizarre zomermodepromoties & carnavalsfeesten,
      na vermageringstijd, dik in de shit nu.
Verscholen stoertoeters klitten onverantwoord bijeen,
lichtzoekend, LICHT
dat na het baarmoederduister nooit werd gevonden,
      opgedonderd! de pubernacht in, sikkelmaantje!
Bij dageraad ontwaakt het bestuur
& beantwoordt schroomvallig de vragen:
voorbereid? We steunen de helden, thuis,
      een beertje voor het raam – lekker bezig!
Probleempje? Op ruime afstand, was je handen goed,
met (gehamsterde) onschuldzeep. Bevend.